De toepassing
In de productspecificatiebladen is per type bedrijfsvloerplaat de maximale toelaatbare belasting vermeld. Deze belastingen zijn alleen toelaatbaar als het legbed en de fundatie aan onderstaande voorwaarden voldoen. Ook het leggen, de voegbreedte, de voegvulling en een goede waterhuishouding zijn van belang.

 

Stapelen
Op een vlakke stabiele ondergrond moeten drie steunpunten (betontegels of klinker van gelijke dikte) worden gelegd. Daar
wordt de eerste plaat op gelegd, die vrij moet blijven van de ondergrond. Op deze plaat worden weer drie steunpunten
gelegd, loodrecht boven de eerste. Zo dienen de platen één voor één opgestapeld te worden. De stapelhoogte is
maximaal 1,5 meter.


Ondergrond / fundatie / legbed
De bedrijfsvloerplaten komen op een legbed te liggen dat, samen met de onderliggende lagen, voldoende draagkracht -
moet hebben. De opbouw van de lagen moet zodanig zijn dat een gelijkmatig zakking- en zetting gedrag mag worden verwacht.
Voor fundatieadvies is het aan te bevelen een adviesbureau, dat gespecialiseerd is in grondmechanica, te raadplegen.

 

Draagkrachteis
Minimaal beddinggetal: 0,06 N/mm³ (ca. 15% CBR)
Dikte legbed: minimaal 100 mm

 

Zandadvies
- Zand moet voldoen aan de omschrijving: “Zand met een permanente draineerfunctie”.(Standaard RAW bepalingen, art. 22.06.02);
- Zandmediaan (Mz) ≥ 210, waardoor het zand te karakteriseren is als ‘grof’ (NEN 5104, Classificatie van onverharde grondmonsters, art. 4.3);
- Gelijkmatigheid coëfficiënt (Cu) ≥ 2. Deze waarde karakteriseert de spreiding in de korrel verdeling (NEN 5104, Classificatie van onverharde grondmonsters, art. 5.2). 

 

Verdichting advies
Om de materiaaleigenschappen van het zandbed en de fundatie volledig te kunnen benutten, is het wenselijk om op een diepte van minder dan 1,0 meter beneden vloerniveau een verdichting graad (proctorwaarde) van minimaal 95% en een gemiddelde waarde van 98% te halen.

 

Drooglegging advies
Bij verzadiging van de fundatielagen met water neemt de draagkracht sterk af. Deze wordt bovendien vaak nadelig beïnvloed als vorst en daarna dooi optreden. De grondwaterstand moet daarom vaak voldoende diep onder het vloeroppervlak blijven. Advies hoogte waterstand: 0,6 meter beneden bovenkant vloer.
 

Legadvies
1. Het legbed dient zorgvuldig te worden fijn-geprofileerd. Met laser gestuurde apparatuur kan hier een juiste nauwkeurigheid worden bereikt.
2. De bedrijfsvloerplaten dienen met een vacuüm hijssysteem opgenomen en gelegd te worden. Is de plaat voorzien van hijsgaten, dan kan ook een hijssysteem met hijssleutels worden gebruikt. De productspecificatiebladen geven hierover meer informatie.
3. Vloeren (buiten) dienen met een afschot van 1,0% tot 1,5 aangelegd te worden.
4. Laat de platen horizontaal en langzaam op het legbed zakken.
5. Gebruik altijd afstandhouders. Deze (watervaste) afstandhouders van hout of kunststof moeten een voeg van 5 mm tussen de vloerelementen blijven garanderen.
6. De stramienmaat van de vloer is een veelvoud van 2 meter. Met een plaatmaat van 1995 mm en een voeg van 5 mm (afstandhouder) wordt deze stramienmaat bereikt.
7. Het verdient aanbeveling de vloer rondom op te sluiten. De opsluitbalken kunnen hiervoor eventueel worden toegepast.
8. Tenslotte moeten de voegen met zand worden vol geveegd. Later, tijden het gebruik van de vloer, dient dit vol vegen zo nodig herhaald te worden.